Ira Judkovskaja Deiboek Moskou 6

Laatste drie dagen
Ik ben alweer ruim een week terug in Nederland. ‘Hoe was het?’, vraagt men vaak. ‘Geweldig, indrukwekkend’, is dan meestal mijn antwoord. Ik ben zelf benieuwd welke indrukken na een paar maanden zullen overblijven. Eerst nog een beschrijving van de laatste drie dagen. Ik begin bij de laatste dag en ga dan terug in de tijd.

Dinsdag
Russian Case is voorbij. Bij het ontbijt nog enkele afscheidswoorden voor de andere gasten van de Russian Case. Iedereen vertrekt vandaag. Ik blijf nog een dag langer. Geen druk programma vandaag. Nog een paar vrienden zien, wat door de straten van Moskou slenteren, wat cadeautjes kopen, pakken en op tijd naar bed. Volgende ochtend een zeer vroege vlucht, ik zou om 4 uur op moeten.

Mijn rustige instelling verdwijnt snel als ik ontdek dat ik mijn Nederlandse simkaart kwijt ben. Ik weet dat een nieuwe kaart zo te regelen is (en dat heeft Tineke bij Tryater inderdaad gedaan), maar een onaangenaam gevoel blijft hangen. Ik denk steeds aan afspraken, deadlines en andere zaken die op mij in Nederland wachten. Aan een nieuw kunstenplan en aan bezuinigingen. Aan de vervelende verbouwing van mijn onderburen. Aan de APK-keuring die altijd duurder uitvalt dan je verwacht. Kortom, zinloze gedachten die ik maar niet kan uitzetten. En het besef dat deze gedachten mijn laatste dag in Moskou verpesten, maakt me nog geïrriteerder.

Ik maak een flinke wandeling door de stad, samen met mijn trouwste schoolvriendin. Ze loopt geduldig samen met mij winkel in en winkel uit, op zoek naar ‘Russische’ producten. Maar alles is westers of in China gemaakt. Uiteindelijk koop ik veel Russisch snoepgoed in een supermarkt. Ik zeg andere afspraken af en ga naar mijn hotel. Mijn hoofd is vol, een overload aan indrukken. Inpakken en naar bed. Onderweg naar mijn hotel zie ik bij de metro een dode man op de grond liggen. Hij is overdekt met plastic. Er staan politiemensen om zijn lichaam heen. Een dronkaard? Een zwerver? Iemand met een hartaanval? In mijn hoofd spreek ik een zelfverzonnen gebed uit, dat ik altijd voor dode beesten langs de snelweg prevel. Ik schrik niet snel van de dood. Het bewegingsloze lichaam maakt vooral indruk door de rust, middenin de drukte van het spitsuur in de metro.

Om half vijf in de ochtend loop ik met mijn koffer naar het station. Op straat is het rustig. Alles voelt veilig. Een bestuurster van een trollybus (vroegste dienst?) zwaait naar me.

De si-fi trein brengt me naar de vliegveld. Bye-bye Moskou.

Maandag
Om 10 uur een afspraak bij het Moskouse Kunsttheater! (MHAT) Ik kan er niets aan doen, maar ik vind het spannend om hier door de dienstingang naar binnen te lopen. Er blijkt een heel gebouw vol kantoren achter het theatergebouw te staan. Met lange gangen en kleine kamertjes. Ik heb een afspraak met Pavel Rudnev. Hij is theaterwetenschapper, verbonden zowel aan de toneelschool van MHAT, als aan het theater zelf. Pavel schrijft veel over westerse dramaturgie, geeft vertalingen van moderne Europese stukken uit en coördineert nog vele projecten in het theater- en kunstleven in Moskou. John Freedman (zie zaterdag) heeft me aan hem voorgesteld. Het gesprek met Pavel is in één keer to the point. Ik vertel hem over de plannen voor 2013, over mijn achtergrond en over Tryater. En dat ik graag ‘Fan de Stêd en it Libben’ in Moskou wil laten spelen. Hij bekijkt het beeldmateriaal. Hij verteld me over de experimentele podia van het Moskouse kunsttheater. We zien een aantal mogelijkheden voor de uitwisseling en spreken af via de mail die mogelijkheden verder uit te werken. Aan het einde bespreken we nog een aantal acteurs van het Moskouse Kunsttheater en sommige spelers met wie ik in 1998 had gewerkt. Een probaat middel om elkaars smaak en beoordelingsvermogen af te tasten.

Dan reis ik naar Vinzavod. Daar hebben Ria Marks en Rainer Hofmann een afspraak met Aleksei Malobrodsky. Ik maak nog het einde van het gesprek mee. De sfeer is ontspannen. Volgens mij zou Vinzavod een mooie plek zijn om werk van verschillende Nederlandse makers te tonen. Ik wissel met Aleksei indrukken uit van de voorstellingen die ik in Moskou heb gezien. Hij heeft ook de meeste van die voorstellingen gezien. Aleksei zegt later tegen me dat we deze uitwisseling echt moeten doen slagen. Het zou namelijk iets bijzonders kunnen worden. Zo voelt het voor mij ook.

Om 15.00 uur is er in de buurt van Vinzavod een voorstelling van een ‘Ingenieurs Collectief’ uit Sint Petersburg. Er staat aangekondigd dat het een ode is aan de onmogelijke ontdekkingsdrift van de mens. De voorstelling speelt in een ander oud fabrieksgebouw. Het publiek zit op een balustrade, boven. Beneden, in een grote hal, zijn wat witte kubussen en vakken opgesteld. Een witte ballon zweeft door de ruimte. Daarop wordt een gezicht geprojecteerd, van een bebaarde man die uitlegt dat onze mobieltjes uit moeten. Op de vloer spannende projecties, die volgens het ritme van de muziek veranderen. Een jong meisje en een man (een andere dan op de projectie, maar ook met baard, een hele lange zelfs) dansen/ bewegen met de projecties mee. Er komen ook projecties op de muren, op de kubussen en op de vakken. Mannen in witte pakken maken simpele, ritmische en robotachtige bewegingen.

Ineens voel ik me in ‘Diavoliada’ van Boelgakov. Misschien ben ik getuige van een zeer unieke projectievoorstelling die ik niet naar waarde weet te schatten. Ik doe mijn best om mijn fantasie te laten werken, maar zie niets anders dan verspringende geprojecteerde cijfers en mannen met baarden in witte pakken. De Boelgakov-assosiaties zijn in volle gang. (Bebaarde mannen als tweeling-ondernemers en iedereen van de Nederlandse delegatie krijgt zijn salaris in lucifers uitbetaald.) Ik voel dat ik zo meteen de slappe lach ga krijgen, zoals ik het in mijn pubertijd dagelijks op school had en verlaat haastig de voorstelling.

Het regent buiten. De laatste plakken sneeuw worden door de regen weggewassen. Nu op naar de afspraak met Elena Geraseva. Ze is een ‘theater-agent’. We hebben geen plek afgesproken. Alleen dat ik haar bel als ik bij de Mayakovsky-metro station ben. ‘Ik kan mijn auto nergens kwijt’, zegt Elena aan de telefoon. ‘Vind je het goed om elkaar even in mijn auto te spreken?’ Waarom ook niet. Het regent steeds harder. Haar grote rode Mercedes staat op de weg, naast de andere geparkeerde auto’s. Het verkeer kan er nog net omheen. Ik stap in. De auto is nieuw en duidelijk duur. Blijkbaar kun je in Moskou met theater goed geld verdienen. ‘Ik spreek vaker met mensen in de auto, je kunt tegenwoordig nergens parkeren. Als ik in Nederland ben, spreken we af in jouw auto.’ In een flits zie ik voor me hoe ik met Elena in mijn Skoda over de Afsluitdijk rijd.

Elena is al ruim 20 jaar betrokken bij de culturele uitwisselingen met andere landen. In 1989 zorgde ze voor de programmering van de Russische theatermakers in de culturele manifestatie in Nederland, ‘De Russen komen’. Ze noemt regisseurs en theaters met wie ze werkt. Allemaal gerenommeerde namen. Daarnaast runt ze een Russische theaterschool in Parijs. Ook zegt ze betrokken te zijn geweest bij de programmering van de uitwisselingsjaren van Rusland-Italië en Rusland-Spanje. Het is lastig om haar echte positie in de theaterwereld in te schatten.

Ik vertel haar weer over mijzelf en over Tryater. Ze luistert gefocust. Grappig om te merken dat het hier echt niets uitmaakt of je een voorstelling in het Fries of in het Nederlands speelt. Ze stelt meteen praktische vragen over de afmetingen van het decor, hoeveelheid mensen op reis moeten. We spreken af elkaar via de mail verder op de hoogte te houden.  Elena zet me af bij theater waar ik vanavond naar toe ga.

Ik ga naar ‘Light up my fire’ bij Teatr.doc. Teatr.doc maakt documentair theater. Dus voorstellingen naar aanleiding van interviews en improvisaties. Vaak over onderwerpen die niet zo graag in de kranten besproken worden. In de voorstelling van vanavond spelen drie acteurs die ik nog uit 1998 ken. Ze zijn toen voor de uitwisseling naar Nederland geweest. Een van hen fietst sindsdien altijd door Moskou. Arina, een van de actrices van vanavond, speelde destijds nicht Hilda in mijn ‘Bruid in de morgen’. Teatr.doc bevindt zich letterlijk in een keldertje van een typisch Moskous hofje. Ik kan het niet meteen vinden en vraag een vrouw op straat of hier ergens Teatr.doc is. ‘Ja, daar in een kelder schijnt een theater te zijn, al geloof ik het niet. Wie maakt nou theater in een kelder? Vast iets illegaals’. Een zwart keldertje, met vijf rijen stoelen (wel genummerd).

Zes acteurs, in de leeftijd van 28 tot 35, spelen scènes zogenaamd uit het leven van Jim Morrison en Janis Joplin. In werkelijkheid spelen ze scènes uit hun eigen leven, met daarin in plaats van zichzelf Jim en Janis. Kleine Jim Morrison met ruziënde ouders omdat vader na zijn werk geen aardappels gekocht heeft. Janis die uitgelachen wordt bij een Miss-verkiezing op school. Jim Morrison moet op school een opstel inleveren en wordt vernederd door zo’n typische Sovjetdocente. Jim en Janis te gast bij bekende Russische talkshowpresentatoren. Soms zijn er gewoon grappige en bijna flauwe acts over contacten met buitenaardse wezens, of een hilarische playback van een bekend nummer. Het is een voorstelling over mijn generatie, met een mengsel van Sovjet-absurdisme en idiotisme uit onze jeugd, hoop en verwachtingen over een betere toekomst, teleurstellingen, cynisme en uiteindelijk alles uitlachen als enige uitkomst en bevrijding.

Ik lach zo hard, dat de meeste buitenlandse gasten verbaasd naar me omkijken. Ik denk dat het een saaie voorstelling voor hen is. Na afloop probeer ik uit te leggen waarom ik de voorstelling goed vond. Herkenning is hierin het sleutelwoord. Dat valt niet uit te leggen of te vertalen.

Zondag
In de ochtend een discussie in de Meyrehold center. Over ‘theater en de staat’. Eigenlijk geen discussie, maar een eenzijdige lezing van een professor (kan niet meer op zijn naam komen) en regisseur Konstantin Bogomolov. Van Konstantin was er twee dagen geleden ‘Koning Lear’ te zien. Helaas was ik die avond naar een andere voorstelling. Ze vertellen over de afhankelijkheid van de theaters van de staat en daardoor ook over de vrijheidsbeperking. Over censuur. Over angst voor de kunst. En dat de regering theaters dwingt alleen stukken te programmeren die een breed publiek trekken, die mensen ‘een leuke avond’ bezorgen en ze vooral niet tot nadenken stimuleren. Helaas herken in dit laatste ook de Nederlandse situatie.

Professor vertelt over het belang van kunst voor de samenleving, voor de beschaving. Ik ben het eens met het meeste van wat hij zegt, maar krijg ook het sterke vermoeden dat hij al decennialang hetzelfde zegt. Los van de vraag die aan hem gesteld is. Hij doet me denken aan sommige oude mannen uit mijn familie. Die vergelijking klopt helemaal als hij midden in een gesprek even weg loopt om een sigaret te roken.

Konstantin is veel opener in het gesprek. Maar wat me ook bij hem opvalt, is de overtuiging dat de problematiek die ze benoemen uniek is voor de Russische situatie.

Voor een deel is het ook zo. Maar populisme, grote vraagtekens plaatsen bij het belang van kunst en steeds extremistischer wordende wereldbeelden zijn een veel breder probleem. Het zou mooi zijn als we ooit ook met onze Russische collega’s in een echte discussie zouden komen over de problemen. Misschien vinden we wel gezamenlijke oplossingen. Op die ochtend zie ik echter nog geen ruimte voor de uitwisseling.

De rest van de dag ga ik naar mijn oude buurt en heb een afspraak met mijn oude schoolvriendinnen. We kennen elkaar 31 jaar. Zij komen elke Russische kerst bij elkaar om de toekomst te voorspellen en één keer in de zomer zien ze elkaar op iemands dacha. Ik heb ze zes jaar niet gezien. Binnen een half uur zitten we in de gedragspatronen van toen we 6-7 jaar oud waren. Slappe lach met de ene, irritatie met de andere. Gezamenlijk plagen we de derde. We zijn geen hartsvriendinnen. We delen onze jeugd.

Ira Judkovskaja


Comments are closed.

DE MOANNE

'de Moanne' wol in breed en kreatyf poadium biede foar aktuele en skôgjende bydragen oer kultuer en de keunsten. 'de Moanne' lit sjen wat der yn en om Fryslân spilet, yn taal, byld en nije media. 'de Moanne' ferskynt op it web, op papier en organissearret 'live'-moetingen.